LEIJSTEEN
12
Hij
noemde zichzelf Den Doolaard.
Hij werd begraven onder een zwerfkei op de Veluwe: "We hebben tussen wonderen geleefd maar we hebben het
niet begrepen" staat
er op de steen.
Hij
wordt ook niet meer gelezen.
Wat
er in de Balkan gebeurde, interesseert hier niemand, behalve misschien de
Nederlandse soldaten die moesten toezien dat ze niets mochten doen
De
commandant van de Nederlandse soldaten die de Bosniërs in Srebrenica moesten
beschermen, kreeg een schemerlamp cadeau van de Servische generaal Mladic,
omdat hij, behulpzaam was geweest bij het scheiden van vrouwen en kinderen van
hun mannen en vaders.
Die
mannen, plm. 7000, werden daarna geëxecuteerd.
In
Ohrid, de parel van de Balkan, staat een monument ter ere van Den Doolaard.
In
het toeristenseizoen is er een tentoonstelling te zien.
Den
Doolaards roman De bruiloft der zeven zigeuners speelt zich af in Ohrid.
Toerisme
is een belangrijke bron van inkomsten.
De
eerste toeristen waren pelgrims.
Daarom
moest je een plek hebben waar een wonder was gebeurd.
Desnoods
verzon je dat wonder zelf.
Daar
werd dan een kerk neergezet, waar de pelgrims de heilige konden aanbidden.
De
belangrijkste kerk in Ohrid is gewijd aan Sint Naum,
Sint
Naum speelde een cruciale rol in het verspreiden van het christendom en het
onderwijs van de literatuur in het Slavische gebied.
Hoewel
de gebroeders Cyrillus en Methodius het glagolitische schrift ontwikkelden,
heeft hun werk, mede dankzijpersonen als Sint Naum, geleid tot de ontwikkeling
van het latere cyrillische schrift.
Dat
staat op Wikipedia.
Sint
Naum is begraven in de kerk en volgens de lokale bevolking kun je de hartslag
van de heilige nog horen als je een oor op zijn graf legt.
Dat
is zeker een wonder, als het waaar is, maar volgens mij hoor je dan je eigen hartslag.
Je
zou kunnen zeggen dat de bewondering voor een Nederlandse schrijver in Macedonië
groter is dan in eigen land.
De
bewondering voor het werk van Antoon Coolen kwam vooral voor in Brabant.
Hij
was niet steeds op den dool zoals Den Doolaard, maar wel een tijdgenoot.
Coolen
is bekend geworden met Dorp aan de rivier.
Hij
was bevriend met de huisarts in Deurne, Hendrik Wiegersma, die weer een zoon
was van Jacob Wiegersma, huisarts in Lith.
In
dat boek heet Jacob Tjerk van Taeke en de rivier heet Maas.
Die
Henrik had maar liefst vijf zonen en de bekendste heet Friso die Het tuinpad
van zijn vader schreef, dat gezongen werd door de vriend van Friso, Wim
Sonneveld genaamd.
Overigens
was dit lied, een nostalgische tekst, oorspronkelijk van Jean Ferrat.
Dat
lied heet bij Ferrat De berg en is niet alleen nostalgisch maar ook cynisch..
Hendrik
komt ook voor in een boek van Toon Kortooms: Help de dokter verzuipt.
Dat
lollige boek werd veel beter verkocht dan de doktersboeken van Coolen.
Coolen
had vier zonen.
Die
eerste drie had hij genoemd naar de Vlaamse schrijvers: Stijn Streuvels, Guido
Gezelle en Felix Timmermans. De vierde zoon met een dubbele voornaam werd
genoemd naar het echtpaar Wiegersma, Petrus (naar Petronella) en Hendrik naar Hendrik.
Dat
heeft natuurlijk niets met zijn boeken te maken, maar met andere schrijvers en
kunstenaars.
In
1936 verscheen De drie gebroeders.
Dat
ging alweer over de zonen van Friso ofwel in het echt Jacob Wiegersma.
Die
zonen, dus die gebroeders, heetten Henrik, Jaap en Gerrit.
Maar
in het boek heten ze Tjerk, Evert en Wobbe.
Nu
bent u vast de draad kwijt.
Critici
van Coolen vonden dat hij van die uitwaaierende zinnen schreef met veel
herhalingen, zodat de lezer ook in die breidraden verstrikt of verveeld raakt.
Alles
wat werkelijk gezegd kan worden, kan helder gezegd worden en dat hoeft dan
niet tien keer opnieuw gezegd te worden.
Daarom
ging Coolen kortere zinnen schrijven.
Ook
liet hij de personages wat minder in het Deurnese dialect praten.
Stijn
Streuvels schreef ook over een dorp aan de rivier, maar dat was eigenlijk meer
een gehucht: De Teleurgang van de Waterhoek.
Daar
kwam een brug en werd de oude veerboot overbodig.
De
notaris kwam het aan de simpele zielen van de Waterhoek uitleggen.
Hij
werd uitgelachen en uitgejouwoud.
Ze
saboteerden de bouw van de brug en staken de dam waardoor de bouwput vol water
liep.
De
bouwers werden bedreigd en een paar werden zelfs vermoord.
De
rijkswachters maakten jacht op de daders.
Dat
doet me denken aan de protesten tegen een asielzoekerscentrum in deze tijd of
de bezetting van een bos waardoor een weg staat gepland.
Verzet
tegen verandering en de veronderstelde noden van de moderne tijd is streekoverstijgend.
Enkele
boeken van Coolen, hoewel geworteld in het Brabantse dorpsleven, zijn dat ook.
Over
het algemeen werd zijn werk positief ontvangen, maar de pejoratieve term
streekroman werd toch op zijn oeuvre geplakt.
Streuvels
hield er dan weer een eigenaardig taalgebruik op na met veel impressionistische
bijvoeglijke naamwoorden.
Hij
gebruikte ook West-Vlaamse woorden die zelfs de West Vlamingen niet kenden.
Dat
had hij van zijn oom Guido Gezelle die een lange lijst aanlegde van particularismen.
Dat
maakt Streuvels zinnen nogal gekunsteld.
De
Teleurgang en Dorp aan de rivier werden destijds
goed verkocht en verfilmd, allebei door Fons Rademakers.
In
de Teleurgang was Willeke van Ammelrooy als Mira, de slonze, de trekpleister.
Trekpleister
is een raar woord.
Maar
die trekpleister trok wel de flmgenieters aan.
Maar
niemand leest Streuvels, Coolen, Den Doolaard of Timmermans nog.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten