dinsdag 4 december 2018

REMKO KAMPURT: TJEEMPIE


Remco Campert overleden

Het is 1968.
Een man met een lange witte baard komt aan op het Sentraal Stasjon. Er heeft zich een menigte verzameld wachtend op de komst van Klaas. Hij houdt een toespraak en zegt:'Hik.'

De REVOLUUTSIE is voltooid met de komst van Klaas en de menigte volgt hem de stad in met achterlating van spandoeken en borden. Op het stationsplein staat eenzaam de Best Gekapte Schrijver van Nederland. Eerder in het verhaal demonstreert hij aan Liesje (de hoofdperoon van Tjeempie) wat het verschil is tussen Het Zijn van de schrijver zelf  (de BGvN is de Filosoof van het Zijn in de Praktijk) en het Niet-Zijn bij Liesje. Het Niet-Zijn gaat hij opheffen door het te vullen met zijn Zijn, waardoor er een gloedvol Wel-Zijn ontstaat.


Vijftig jaar geleden publiceerde Remco Campert (alias Remko Kampurt) zijn satirische boek: Tjeempie of Liesje in Luiletterland. In 1976 maakte Joost Roelofsz er een 'prentenboek' van. (zie afbeelding). Hulde aan de niet meer schrijvende, maar nog laatst levende 'tiger' van de Vijftigers die overleed op 4 juli 2022..

maandag 3 september 2018

De rechten van de mens


Ik wil het boek van Thomas Paine graag aanbevelen aan de president van de Verenigde Staten.


Op de illustratie wordt de opperrechter van het Hooggerechtshof van de VS getroffen door een stapel boeken (waaronder de Rechten van de mens natuurlijk) om hem aan zijn taak te herinneren. Hij dient de wet; niet de macht! Het gebeurde wel tweehonderd jaar geleden, maar de spotprent is evengoed van toepassing op onze Trumpiaanse wereld, waarin de president probeert het Hooggerechtshof naar zijn hand te zetten.

dinsdag 7 augustus 2018

Poekoel teroes!

Klanken van Oorsprong


Vanmiddag naar Cinecitta. Buiten heerst de heetste dag van het jaar, binnen is het heerlijk koel, maar niet voor lang, want we kijken naar de film 'Klanken van oorsprong', een documentaire van Hetty Naaijkens-Retel Helmrich over de opkomst van de Indo-(rock)muziek in Nederland. Vooral voor mijn generatie die begin jaren zestig met deze muziek kennis maakte en ging dansen: om tranen van in je ogen te krijgen. Een film die je ontroert en die je hart vol heimwee maakt. En een film voor iedereen die van muziek vol warmte houdt: indrukwekkend mooi.


Regisseur Hetty Naaijkens – Retel Helmrich (Buitenkampers, Contractpensions) toont in haar nieuwe documentaire Klanken van Oorsprong het verhaal van diverse artiesten met een Nederlands-Indische achtergrond. Samen met meer dan 350.000 andere Indische Nederlanders moesten zij tussen 1945 en 1962 gedwongen terug naar hun oorspronkelijke vaderland: Nederland.
Eenmaal in Nederland kregen Nederlands-Indische bands als “The Tielman Brothers” en “The Crazy Rockers” direct veel gehoor bij de dolenthousiaste Nederlandse jeugd die een grote honger had naar Rock ‘n roll muziek. Ook Nederlands-Indische zangers en zangeressen zoals Sandra Reemer, Liesbeth List en Boudewijn de Groot maakten veel furore. Anneke Grönloh en Ruud & Riem de Wolff (The Blue Diamonds) verwierven zelfs enorme internationale roem, net als de naar de VS geëmigreerde broers Eddie en Alex van Halen.
Hoewel al deze muzikanten erg van elkaar verschillen, hebben ze veel dingen gemeen. Allereerst hun geschiedenis van oorlog, vluchten, opnieuw beginnen in een vreemd land en aanpassen. Daarnaast de muziek als grootste uitlaatklep.

zaterdag 16 juni 2018

A.H.J. DAUTZENBERG bestaat uit twee letters

DAUTZENBERG SCHRIJFT ZICH AF

Anton Dautzenberg is toegelaten tot het Privé-domein van de Arbeiderspers met zijn 'dagboek' onder de titel: Ik bestaat uit twee letters.
Geen woord van gelogen.En het kost nog geen vier cent per bladzijde.
Kopen dus bij Livius. Bij Gia-Muts mag ook.


In de recensie in het NRCH van 15 juni 2018 wordt nog eens gerefereerd aan de vorm en vent discussie uit de jaren dertig in het tijdschrift Forum. Volgens de krant (i.c. Thomas de Veen) is die wedstrijd gewonnen door de ventisten, wier voornamen dus worden gespeld met twee letters. Dat betekent wel dat al het werk van AHJD (hij publiceert niet met zijn voornaam, maar met zijn voorletters, dat zijn er drie) langs een lijstje wordt gelegd met zijn publieke optredens, waarin hij aandacht trekt voor zijn autobionische ik, zoals zijn nierdonatie, de verdediging van pedoclubrechten en nog meer gestapel. Waardoor alles wat hij schrijft, weer door de kritiek wordt vervormd. Want het mag dan wel wel fictie wezen, maar die moet wel echt gebeurd zijn. Om vorm zonder vent geven we tegenwoordig nog geen vier cent. We willen echter dan echt, de gevormde vent. De nieuwe fictie dus. Probeer daar maar eens uit te breken.
Een interessant stuk in het boek van AHJD gaat over Wittgenstein. Uit een biografie over Wittgenstein leerde AHJD dat je de mensen niet moet irriteren met je idealisme, maar dat je een goed mens moet proberen te zijn. Daarom of daarvoor ging Wittgenstein les geven op een lagere school in een boerengat in Oostenrijk in plaats van de geleerde fellow uit te hangen in Cambridge. Of die kinderen in Puchberg zo blij waren met de tractaten van die gekwelde mens? We weten het niet. Er stond in elk geval een vent voor de klas die vorm probeerde te geven aan de goedheid.
Op de voorpagina van de boekenbijlage van NRCH staat een karakteristiek vormgegeven tekening van Gijs Kast. AHJD  ten voeten uit.. Zijn schaduw valt over een stapel boeken. Zijn rechterwijsvinger wijst ernaar. Lees dit, zegt de wijsvinger. Dit heb ik geschapen. Ik heb mij vorm gegeven.

vrijdag 20 april 2018

PAS VERSCHENEN

Onlangs verkrijgbaar in de andere boekhandel



P. Hulsbrant en M. IJsenboom, Boeken opdoeken [Sponsored by Bookshop Bredaroad]
Norbertus Frisianus, Voorwoord zonder boek [Polyglotte citatenbundel voor gymnasiae]
P. Cools, Over neolithische schrijvershoofden en hun inhoud. [Icebrand modelling]
J. de Slegte, Het weeshuis van verlaten boeken. [v/h. Boeckhuys Selexyz & Polaris]
M.O. Diano, De ringbanen van het verloren leven. [Vervolg op Broekhoven m’n ouwe moer]
Ed Schrijvers: De geverfde Ley. Over blauwsloten, praeputiumlooiers en andere riolia.

En pas vertaald:
Akker abstract oranje van Ready Or Not

Mon Santo, Laat alle akkers oranje kleuren op Koningsdag [Gift edition by Glyfosaat Inc.]
Vlad Putin, Moderne spietstechnieken. [публикации Новичо́к]

woensdag 18 april 2018

WAAROM ZIJN WIJ MENSEN ZO DOM

Waarom zijn wij mensen zo dom?

JJules de Corte, de blinde zanger, had in 1963 een megakraker met zijn lied: Ik zou wel eens willen weten.

Zijn wens is een prima uitgangspunt voor het bestrijden van de domheid. Immers alle kennis ligt in de verwondering (Aristoteles).

Vervolgens begint Jules de Corte een stel kindervragen te stellen en nog stommere antwoorden te geven, zoals waarom zijn de bergen zo hoog? Die zijn een stut voor de hemelboog en waarom zijn de zeeën zo diep, dat is omdat ze dienen tot meerdere glorie van God die de wereld schiep.

Geen natuurkundeles gehad.

Er staat ook veel misschien in de tekst.

Maar goed.

De laatste strofe van het lied vraagt ons: waarom zijn de mensen zo moe? Dat komt door het jachten en jagen en door al die tienduizend vragen en altijd onderweg naar de vrede toe. In 1963 was dat. Inmiddels is het onderweg nog veel erger geworden. Vooral met de vrede en dat gejakker en daarbij voortdurend de blik op dat scherm van het alom aanwezige anti-communicatievehikel: de smartphone! De domme blik op dat slimme ding.

Waarom de mensen zo dom zijn? Dat vroeg hij niet. We zijn niet dom, maar moe.

Jules had een goed hart en een kritische blik. En zes kinderen. Ik zag hem vaak in de trein onderweg naar de vrede toe. Reizigers zaten toen te suffen, te lezen, te loeren of te luisteren.

Dag meneer De Corte.

Dag meneer Onderweg.

In Vietnam kregen de boeren toen gratis oranje onkruidbestrijdingsmiddel uit Amerikaanse sproeivliegtuigen. Dat was voor de wereldvrede.

Jules de Corte was een goed mens en gelovig.

Misschien.

Het is gek, maar als ik dit liedje hoor dan ontroert me dat nog altijd. En je kunt het zelf ook beleven, op you tube. Op internet staat bijna alles. Heel slim. Nu wij zelf ook nog.

Waarom zijn de mensen dan dom? Ja, u en ik niet natuurlijk, maar al die anderen wel.

We weten het waarom van die hoge bergen en de diepe zeeën. Ze zijn van eenzelfde oorsprong: de tektoniek van de aardschollen. Maar sta je op een hoge bergrichel en kijk je in de diepte, dan ervaar je iets dat je weten ontstijgt of onderuithaalt. Vertigo.

Ik weet bijna zeker (haha) dat De Corte nooit iets gelezen heeft van Ludwig Wittgenstein. Maar de kern van het lied is uiteraard dat we veel vragen hebben, maar geen antwoorden. Wittgenstein schreef een boek vol stellingen om te tonen wat de wereld is. En als we weten wat de wereld is en al haar feiten, dan blijft er nog één vraag over.

Waarom de wereld is. En wij en waarom wij leven.

Op die vraag heeft hij geen antwoord. Waarover je niet kunt spreken, kun je maar beter zwijgen, zegt Wittgenstein. Maar dat doen we niet, want we kunnen het niet, zegt De Corte.

Daarom zijn wij mensen zo dom.


P.S. Dinsdag 12 juni 2018 stond ik bij de stationstoren van Tilburg CS. Sinds kort klinkt het carillon weer. En wat speelde het? Ik zou wel eens willen weten! Pling Plong.





zaterdag 7 april 2018

BOEKENPEST EN BOEKENETERS

Boekenvreters

Over de boekenpest schreef Boudewijn Büch in het gelijknamige boek het volgende: “Dit boek zal over tien jaar voorzichtig aangepakt moeten worden. Over dertig jaar zal het gedeeltelijk uit elkaar gevallen zijn en over een halve eeuw zal het geheel verpulverd zijn.”
Deze voorspelling schreef hij dertig jaar geleden op. De zin staat in de derde druk van april 1988. De uitgave die ik bezit is een paperback gedrukt op houtvrij papier. Er is ook een gebonden versie (475 stuks, een nieuwjaarsgeschenk van de uitgeverij) gedrukt op synthetisch, honderd jaar tegen zelfvernietiging bestand 110 grams Polyart 2-‘papier’. Het gaat mij niet lukken om te zien hoe (het met) deze dure editie zal zijn vergaan in 2088, dus bericht ik u over de huidige conditie van mijn goedkope druk van dertig jaar geleden. Dat boek zou nu uit elkaar gevallen moeten zijn. Maar dat is niet zo. Het boek ziet er prima uit. Niet verkleurd, verzuurd of vergeeld. Wel gelezen, maar niet geknakt of beschadigd. Tweedehands gaaf, zou ik zeggen. Altijd in de boekenkast gestaan in de studeerkamer beschermd tegen direct zonlicht. Dus de prima conditie van zijn boek heeft BB destijds niet voorzien. Had ik het dertig jaar in de zon gelegd achter het voorraam, dan zou het er minder florissant hebben uitgezien, maar vergaan? Inmiddels weten we ook dat synthetisch materiaal door zonlicht op den duur verhardt, vergeelt en verbrokkelt. Dus ook daar heerst het verval.

In Boekenpest staat een stuk over virussen, schimmels en bacteriën die uit verzuurde en door insecten aangevreten boeken overslaan op de bibliothecarissen. Büch vroeg zich af of het lezen van aangetaste boeken dodelijk of gekmakend kan zijn. De ziektekiemen leiden bij deze boekenbergers niet zelden tot infecties en krankzinnigheid en soms zelfs tot de dood. Boudewijn Büch kon het weten, want deze boekenmaan had zichzelf benoemd tot bibliopsychofarmacohistoricus. Op bladzijde 144 schrijft hij: “Als een boek niet vanzelf uit elkaar valt, is het bij machte mij stervend op de bibliotheekvloer te doen neerzijgen.” En dat is dus gebeurd. BB werd in november 2002 dood aangetroffen in zijn immense boekenhuis.

De ichtobibliofaag

Dat ook een vis tot een gevaarlijke vijand van de literatuur wordt gerekend, is toch opmerkelijk. We weten dat een walvis de profeet Jonas heeft opgeslokt en na een tijdje weer uitgespuugd, maar geloven doen we het niet. Ook bestaan er veel variaties van het verhaal dat een vis een weggeworpen ring opslikt, welke ring dan weer opduikt in de keuken van de wegwerper. Maar dat een vis een boek op zijn menu had staan is waarlijk gebeurd. Al is het wel het enig bekende geval van ichtobibliophagie. In 1626 trof een vissersvrouw in Cambridge een boek aan in de buik van een kabeljauw. De vis heeft het boek, dat gewikkeld was in een zeildoek, waarschijnlijk opgepeuzeld voor de kust van Norfolk. Kort daarna werd hij gevangen en naar de vismarkt in Cambridge gebracht. Daar werd het boekje bij het villen in de vis aangetroffen.
Het formaat van het boek – sextodecimo - is precies hetzelfde als een Prismapocket maar met de leren kaften van toen en verpakt in een zeildoek, moet het een behoorlijk zware hap zijn geweest. Ook de inhoud viel niet mee. Die bestond uit drie tractaten van de 16de eeuwse Puriteinse prediker John Frith die o.a. gingen over de voorbereiding op het kruis en de dood. Dit laatste had de vis nogal letterlijk genomen. Met de schrijver is het ook niet goed afgelopen. Hij werd wegens ketterij gevangen gezet in een viskelder in Oxford en is in 1533 aan de brandpaal opgestookt.