maandag 5 januari 2026

MOSAE GARGOULEY 3 Mijn vader

 Mjn vader

Mosae Gargouley 2

[19060106]

 

Baarle Nassau is een raar dorp.

Het is helemaal vervlochten met een ander dorp: Baarle Hertog.

Het ene dorp hoort bij Nederland en het andere dorp bij België.

De meeste stukjes van Baarle -Hertog zijn omringd door stukken Baarle-Nassau.

Men noemt zulke gebieden enclaves.

Er zijn ook stukjes Nederland binnen zo’n Belgische enclave.

Als je er rondloopt ben je dan weer in Nederland en dan weer in België.

Gelukkig hebben de gemeenten de grenzen aangegeven in de straattegels, zodat je weet waar je bent.

In Zondereigen dat in België ligt, ligt ook een enclave die hoort bij Baarle-Nassau.

Daar staat nog een stuk van het dodelijke electrische hek dat de Duitsers in de Eerste Wereldoorlog hebben aangelegd.

Tussen de draden zetten de bewoners een houten kratje zonder bodem, zodat iemand kon ontsnappen aan de Duitse bezetting van België.

Nederland deed niet mee aan de Eerste Wereldoorlog omdat het onafhankelijk was.

Dat Baarle-Nassau toen een smokkelgat was, moge duidelijk zijn.

Toen er In Nederland nog een zondagsluiting verplicht was voor de winkels gingen veel mensen op zondag winkelen en friet eten in Baarle. Je kunt er ook benzine tanken voor veertig cent minder dan in Nederland.

De shag is er nog goedkoop, maar het meeste bier niet meer.

Mij vader werd geboren in Baarle-Nassau op driekoningendag 1906.

Zijn vader had een sigarenfabriek en een tabakshandel; de laatste samen met de Belgische familie Janssen-Bruininckx.

De tabak kwam onder meer uit Sumatra en Brazilië.

Drie broers waren ook sigarenmakers; in Bladel, in Lage Mierde en in Arendonk.

Hun vaders en al hun voorvaderen waren boer en een enkele molenaar of pater.

Dat was zo tot aan het eind van de 19de euw.

Het Brabantse boerenland bracht weinig op en de zonen werden ondernemers in eigen bedrijfjes, m.n. in de tabak en de schoenmakerij.

Op de schaarse foto’s uit die tijd zie je mijn grootvader: een trotse man met een knevel.

Het gezin had een kindermeid en een huishoudster.

Mijn opa overleed plotseling toen mijn vader drie jaar oud was. Hij was pas 37 jaar.

Mij vader heeft dus geen directe herinnering aan zijn vader.

Mijn grootmoeder en haar oudste zoon zetten het tabaksbedrijf voort.

Mijn oma dreef ook daarnaast nog een herberg.

De fabriek en de herberg stonden recht tegenover het station.

Daar overnachtten meestal handelsreizigers op weg naar België.

Mijn vader ging vanaf zijn twaalfde of pas met zijn zestiende jaar met de stoomtrein naar de handelsschool in Tilburg.

Soms reed er een koninklijk rijtuig mee met aan boord koningin Wilhelmina.

Ze ging dan via Turnhout naar Antwerpen en vervolgens naar Brussel waar ze familie bezocht.

Onderweg overnachtte ze -niet in Baarle – maar in Riel.

Het rijtuig werd dan afgekoppeld in het station van Riel.

In Tilburg wilde ze niet komen, vanwege het liefdesleven van haar opa Willen II.

In 1928 ging mijn vader Tilburg werken bij de Volt.

Dat werd later een Philipsvestiging.

De spoorlijn Tilbug – Turnhout is nu een  fietspad.

Mijn vader was in pension bij de nazaten van de familie Janssen-Bruyninckx in Tlburg

Dat was dichter bij de Volt.

 In 1929 ging het bedrijf van mijn grootmoeder failliet.

Ze had te veel tabak ingekocht en door de crisis was ook de sigaar de sigaar.

Ze overleed in datzelfde jaar, 64 jaar oud.

Er is vast een verband tussen de crisis en haar overlijden.

De sigarenmakers hadden door de crisis veel minder tabak nodig en ze gingen failliet of fuseerden met andere sigarenmakers.

Mijn grootouders van vaderskant heb ik dus nooit gekend.

Mijn vader trouwde in 1937 met mijn moeder.

Mijn moeder overleed in 1979, ze was 72 jaar geworden.

De gouden bruiloft hebben ze dus niet gehaald.

Haar vader was wever en werkte dus, zoals bijna alle werkenden in Tilburg in een  textielfabriek.

Daar stond Tilburg vol mee.

Er waren er wel honderd.

Van die fabrieken is bijna niks meer over.

In 1944 werd ik geboren

 

Met een gezin van twee kinderen en een derde op komst was mijn vader geen oorlogsheld, op één daad na dan.

Hij werkte als boekhouder bij de Volt ,waar ze onderdelen maakte voor radio’s en seinlampen.

De hele buurt werkte trouwens bij de Volt, al waren ze niet allemaal boekhouder.

Dat ging ik de oorlog gewoon door.

De Duitse bezetters konden die spullen van de Volt goed gebruiken.

In mei 1943 m moest iedereen de radio inleveren.

Ook mijn vader.

Hij vertelde er niet bij dat hij nog een tweede radio had verstopt onder de zolderplanken.

Op een dag in 1944 belde er een buurjongen aan met de vraag of hij naar de Engelse zender op de radio van mijn vader mocht luisteren.

Hij was een maand met verlof.

Hij had zich aangemeld bij de Waffen SS om tegen die vuile communistische Russen te vechten.

Hoe wist die jongen dat mijn vader nog een radio had?

En of hij dat niet zou melden bij de Duitse autoriteiten?

Mijn vader had kunnen zeggen dat hij geen radio had.

Dat dat maar praatjes waren van de buren.

Maar waarom was hij dan zo goed op de hoogte van het nieuws van het westelijk front?

Iedereen in de buurt wist dat mijn vader nog een radio had.

Een buurtgenoot zou je niet verraden.

De geschiedenis heeft bewezen dat dat bepaald niet het geval was.

Mijn vader liet de buurjongen binnen en ze luisterden naar de BBC.

Het stond er niet best voor voor de Duitsers dan.

In het westen waren de geallieerde al tot de Rijn opgerukt.

De buurjongen ging weer terug naar het Oostfront.

Niemand heeft hem nog ooit terug gezien.

Mijn vader heeft nog nachten wakker gelegen van zijn heldendaad.

Na de oorlog werd mijn vader lid van De KVP.

Hij las kranten, Elsevier en de Haagsche Post.

Hij was politiek op de hoogte.

Tegen de verkiezingstijd hing hij affiches voor het raam met KVP lijst 2.

In die tijd haalde de KVP wel vijftig zetels, ze moest dus altijd regeren in een coalitie

De KVP en de opvolger het CDA was altijd bereid om of met de VVD of De PvdA in zo’n coalitie te stappen.

Dan pestte ik hem met de slogan: Lijst 2 CDA, geen nee geen ja CDA, Lijst2, geen ja geen nee.

Hij was overal penningmeester van, o.a. van het klokkenfonds van de parochiekerk.

De Duitsers hadden alle drie de klokken van de Broekhovense kerk gestolen om kanonslopen te gieten.

Toen ik twaalf was, werd de eerste nieuwe klok van Eijsbouts in de toren gehesen.

Toen mijn ouders verhuisden naar de Korenbloemstraat woonden ze vlak bij de kerk van pastoor Harmen, die op zondagmorgen de klokken liet luiden om de mensen op te roepen naar de mis te gaan.

Daar hadden de bewoners van de minder welgesteld wijk geen zin in en ze protesteerden tegen het lawaai van de klokken.

In de jaren tachtig gingen ze niet meer naar de kerk.

Ze waren ook boos omdat de pastoor in de preek had gezegd dat de bewoners aan de villakant van de parochie veel meer geld gaven aan de gezinsbijdrage dan die aan de arme kant.

Ze stemden ook niet meer op de KVP.

De gemeente verbood de pastoor om de klokken te luiden.

Maar daar trok Harmen zich niets van aan.

Dat kwam in de kranten te staan.

Zo werd de pastoor landelijk bekend als de klokkenluider van de kerk van Margrita Maria ã la Coque.

Mijn vader vond het een veeg teken van de tijd.

De tijd gaf tekens dat het bergafwaarts ging met de beschaving.

Dat begon eigenlijk al toen ook sommige dames gingen fietsen.

Het zadel zou hen een zekere lust kunnen bezorgen.

Dat was al in de tijd dat mijn grootvader nog trots zijn knevel droeg.

Willem Frederik Hermans vroeg zich al af of de Tijd tekens kon geven.

In 1967 gaf hij daar een lezing over  aan de studenten Nederlands van de faculteitsvereniging Helios in 1969.

Maar daarover moet je Leijsteen 14 lezen.

Dat de Russen een muur optrokken tussen West- en Oost was voor mijn vader een nagel aan zijn doodkist.

Na een lerarenreis naar Berlijn in 1987 vertelde ik hem dat de muur er niet lang meer zou staan.

Teveel mensen In Oost-Duitsland waren het systeem van corruptie en onderdrukking, maar ook hun waardeloze monopoly-geld  zat.

Mijn vader kon mij niet geloven.

De muur zou nooit verdwijnen.

Hij overleed in augustus 1989.

Drie maanden later werd de muur gesloopt.

 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten